Lees mee met de nieuwe ISSO 75.1

Per 1 januari 2021 wordt de NTA8800 van kracht. En de nieuwe afgeleide methodiek om Energielabels op te stellen. Onze adviseur Julian van der Veer leest de nieuwe methode door en vergelijkt deze met de vorige. Abonneer je op zijn VLOG op YouTube.

Of lees onderstaande tekst door, maar eerst 3 dingen vooraf:
1. Ik lees deze nieuwe methode voor het eerst en vertel wat me opvalt: Ik ben nog geen expert. Deze vlog is ook bedoelt voor iedereen die zich er nog nauwelijks in heeft verdiept.
2. Een disclaimer: Ik ben ook auditor, maar dit vlog is op persoonlijke titel. Van alles wat ik zeg heeft de methodiek het laatste woord en niet mijn interpretatie.
3. Reageer vooral als je wilt. Ik kijk uit naar een goede discussie. Samen kunnen we de methode goed onder de knie krijgen.

Inhoudsopgave

  • Hoofdstuk 5 (begrippen in de nieuwe methodiek)

1. Begrippen - h5 (VLOG1)

Het valt op dat de begrippen prominent voorin staan, net zoals in de ISSO 82.1: in de voirge versie van de 75.1 vond je de definities verspreid in het protocol. Deze manier verschaft meer duidelijkheid. Hieronder een aantal begrippen die nieuw zijn of afwijken ten opzichte van de huidige methodiek.

  • Het begrip AOR (Aangrenzende onverwarmde ruimte) wordt uitgebreid: De ruimte kan kouder worden dan 15 graden. De grote vraag wordt: Moeten we dat meten, en zo ja: Hoe gaan we dat meten? Het antwoord wordt deels gegeven bij de definitie van Verwarmde ruimte: de temperatuur voor het productieproces wordt op minimaal 15 graden gehouden. Hier zal dus bewijsmateriaal van overlegd moeten worden.
  • Een collectieve installatie vonden we eerder niet bij utiliteit: Nu staat deze er wel in, vermoedelijk bedoeld voor de 82.1. Een opvallende wijziging: Als de ketel meer dan 500m2 aan gebruiksoppervlak verwarmd (5 tot 10 woningen), dan bevindt deze zich PER DEFINITIE buiten de thermische zone. Nog onbekend hoe dit gewaardeerd gaat worden in de rekenkern.
  • Er staat ook een definitie in van 'eigen perceel'. Het is voor mij op dit moment nog onduidelijk welke consequenties dit kan hebben, maar mogelijk grijpt het in op de verdeling en indeling in energielabels.
  • Voor het gebruiksoppervlak wordt nu zonder meer verwezen naar de NEN2580:2007. Een goede zaak om deze gelijk te trekken, voorkomt veel onduidelijkheid, ook bij opdrachtgevers.
  • Het begrip Luchtbehandelingskast wordt nader gespecificeerd: Pas als het volume >1000m3/h is, is er sprake van een LBK. Vraag komt boven: En daaronder, wat gebeurt daarmee? Of is het een term die verder niet ter zake doet? Balansventilatie blijft balansventilatie, lijkt me.
  • Een sterk geventileerde ruimte wordt gekenmerkt door het hebben van "niet-afsluitbare ventilatieopeningen" met een capaciteit van 3liter/seconde per m2 gebruiksoppervlak. Ik neem aan dat we hier ook weer de huidige vuistregels kunnen handhaven, of wordt echt verwacht of wij het even willen uitrekenen? Ik zie uit naar een beter hanteerbare regel.

2. Opnameprotocol deel I - 6.1 t/m 6.8 (VLOG 2)

  • In het algemene deel: Bij onduidelijkheid van de methodiek, MAG het adviesplatform worden geraadpleegd. Dit is niet verplicht. Op dit moment is de adviseur nog wel verplicht zich te informeren. 
  • Indien een woning en een utiliteitspand in één pand zitten, moet de berekening worden "gesplitst". De huidige EPC-berekeningen stonden nog toe dat woningen en utiliteit in één berekening samengingen.  
  • De bepaling van het deel van het gebouw waarover een label moet/mag worden afgegeven lijkt versimpeld: Geen nauwelijks te achterhalen WOZ-vragen, maar 2 punten: Is een gedeelte van een gebouw los te verhuren en afsluitbaar en 2) Heeft het een eigen BAG-objectcode? In hoofdstuk 7 wordt hier nog verder op ingegaan. 
  • Basis voor het label zijn 1) de aangeleverde tekeningen OF 2) opname ter plaatse. In geval van 1) moet worden nagegaan of de aangeleverde gegevens VOLDOENDE NAUWKEURIG zijn, dat moet ter plaatse. Wat VOLDOENDE is en wat deze afwijking mag zijn, blijkt mogelijk verderop in de norm.
  • Belangrijk: Aanvullend onderzoek via internet is verplicht. Een typeplaatje van bijvoorbeeld een ventilatiebox moet nagezocht worden, dat geldt ook voor beglazing etc. Hierover was de vorige norm vaag. Dit is een verbetering, hoewel luie adviseurs natuurlijk ook hier onderuit zullen proberen te komen.
  • Aangeleverde informatie moet worden gebruikt en MOET worden vastgelegd in het dossier. Een voorbeeldformulier is bij de methodiek gevoegd.
  • Productiespecifieke informatie MOET worden opgenomen. Is iets te achterhalen, dan mogen geen forfaitaire waarden worden aangehouden.
  • Het gebruik van een opnameformulier is nu ook formeel niet meer verplicht.

3. Opnameprotocol deel II - 6.9 t/m 6.12 (VLOG3)

1. Wat mag een EP-U/B adviseur niet en een EP-U/D adviseur wél?

Een EP-U/D adviseur mag een detailberekening opstellen en Rc-waardes, U-waardes en lineaire warmteliezen berekenen. Een EP-U/B adviseur mag dat niet, maar mag wel gegevens t.b.v. deze berekeningen op locatie verzamelen. 

2. Wanneer gebruik je de detailmethodiek en bijhorende detailberekeningen?

  • A. Wanneer moet je gebruikmaken van de detailmethodiek en wanneer is dit vrijwillig.
    Je MAG hem altijd gebruiken, je hoeft niet meer aan te tonen dat een gebouw al aan een minimale eis voldoet, zoals nu het geval is• je MOET hem gebruiken bij nieuwbouw en grootschalige renovatie: details staan in de norm.
    Voor alles wat VOOR de ingangsdatum is aangevraagd, gelden de huidige regels, dus blijkbaar nog geen verplichting.
  • B. Wanneer moet de Rc-waarde en U-waarde worden berekend?
    Bij DETAILOPNAME wel, mits gegevens bekend zijn (en dat zijn ze in 90% van de gevallen), mits de informatie BESCHIKBAAR is. Ervaring met het huidige nieuwbouwlabel is dat dit vaak onvolledig is. Voor Rc-berekeningen moet je in ieder geval gebruiken wat wél beschikbaar is.
    Lineaire constructies mogen forfaitair worden berekend.
  • C. Wanneer moet je distributieverliezen van leidingen berekenen?
    Als je in het werk alles kunt nameten en bepalen, OF
    Als er tekeningen van de installaties of het installatieontwerp aanwezig zijn WAAROP DEZE STAAN aangegeven.

Verder:

  • Zomernachtventilatie neem je mee wanneer deze in de omgevingsvergunning staat of er informatie aanwezig is.
  • Daglichtsector MAG meegenomen worden indien informatie hierover beschikbaar
  • En als er nog geen gebouw staat? Aanvraag omgevingsvergunning: uitgaan van de tekeningen.

CONCLUSIE
De rol van de EP-U/D adviseur wordt belangrijker: Zonder hem geen nieuwbouw- of renovatieproject meer gelabeld.
Beschikbaarheid van informatie is KEY: Vanuit mijn rol als auditor kijk ik er zo naar:

  1. Als informatie onvolledig is (nieuwbouw): Wordt er aangetoond dat er inspanning is geleverd deze boven tafel te krijgen?
  2. Dossieropbouw wordt belangrijker: Aangeleverde informatie wordt veel meer, daarom wordt het veel belangrijker dat e.e.a. overzichtelijk is opgebouwd en er duidelijk naar elementen wordt verwezen.

4. Opname & schematisering gebouw - 7.1 t/m 7.2 (VLOG4)

  • 9 stappenplan i.p.v. 6, maar komt in grote lijnen op hetzelfde neer. Een aantal acties die we nu als onderdeel van de 6 stappen doen, is verder opgesplitst.
  • Over de verdeling van de rekenzones (sectoren) wordt alvast gezegd:
    • moet volgens schema, maar MAG verder worden opgesplitst, indien WENSELIJK voor MWA
    • per zone 1 type ventilatie: indien binnen een systeem een rendementsverschil zit: grootste is maatgevend en MAG worden aangehouden, verder splitsen MAG ook
  • Verplichting tot hebben van een label en zichtbaar ophangen in publieke gebouwen: daar is m.i. niet veel aan veranderd.
  • Nu ook expliciet in de methode dat bij een industriefunctie met kantoor <50m2 deze geen label hoeft te hebben
  • Gebouwindeling, terugkomend, is inderdaad versimpeld:
    • indeling:
      • per PAND-ID
      • indien GEWENST per OBJECT-ID mits los te verkopen of verhuren, het een eigen adres & eigen entree heeft 
      • WOON en UTILITEIT kunnen niet samen, dan splitsen, per bouwlaag hulpfuncties toekennen, ook bij gemeenschappelijke entree
  • Qua gebruiksfuncties:
    • overnemen uit EPG-berekening maar controleren
    • vakantiehuisje vallen onder EP-W
    • bijeenkomst: met/zonder alcohol verdwijnt, allen kinderopvang nog apart
    • verdwijnt het onderscheid tussen Sport (anders) en Sport (matig-verwarmd)? Geen idee, staat nu ook alleen in de BRL en niet in de Methode

Op de hoogte blijven? Schrijf u in voor de nieuwsbrief!

Julian van der Veer, senior adviseur